De zogeheten wachttijd voor de WIA duurt 104 weken. Tijdens deze periode geldt voor werkgevers een loondoorbetalingsplicht. Maar wat als een werknemer hersteld is en na verloop van tijd weer uitvalt? Heeft dit gevolgen voor de wachttijd? In deze blog geef ik uitleg.
Herstel
Zolang een werknemer niet is hersteld en in wettelijke zin arbeidsongeschikt is loopt de wachttijd van 104 weken door. Pas als een werknemer weer alle taken die bij zijn functie horen uitvoert èn dat doet voor het volledig aantal overeengekomen uren is er sprake van herstel. Op dat moment eindigt het ziekteverzuim en kan het re-integratiedossier worden gesloten.
Nieuwe uitval
Het komt regelmatig voor dat werknemers na een periode van herstel opnieuw uitvallen. De periode tussen herstel en nieuwe uitval bepaalt welke regels er gelden.
Valt een werknemer na vier weken (lees: 28 dagen) opnieuw uit? Dan begint er (helaas) een nieuwe wachttijd van 104 weken te lopen. Valt iemand binnen vier weken na de hersteldmelding opnieuw uit? Dan loopt het re-integratiedossier door en is er sprake van samengesteld verzuim. De periode tussen de hersteldmelding en de tweede ziektemelding telt alleen niet mee voor de wachttijd.
Let wel: voor de onderbreking van vier weken mag je zwangerschaps- en bevallingsverlof niet meetellen.
Voorbeeld
Emily valt op 14 maart 2019 uit. Op 6 april 2020 is ze volledig hersteld en wordt het re-integratiedossier gesloten. Op 24 april valt Emily wederom uit en wordt haar re-integratiedossier heropend. De wachttijd voor de WIA eindigt in dit geval niet op 10 maart 2021 maar op 28 maart 2021.
Wachtdagen
Sommige werkgevers hanteren wachtdagen bij een ziekmelding. Dit is toegestaan en betekent dat er maximaal twee dagen geen loon wordt betaald. Maar let op: wachtdagen mogen bij samengesteld verzuim maar één keer worden toegepast. Meldt een werknemer zich binnen vier weken na herstel weer ziek? Dan mogen er dus geen wachtdagen worden toegepast.